eChuchubi

Bon biní - Welkom

3. De kiesrechthervormer

Stil zitten is Dòktor vreemd en al drie weken na zijn aankomst op Curaçao, op 23 januari 1936, is hij medeoprichter van de Curaçaose Roomsch Katholieke Partij (of kortweg Katholieke Partij genoemd). Da Costa Gomez neemt zitting in het partijbestuur. Één van de punten in het actieprogramma van de Katholieke Partij is: “streven naar een volksvertegenwoordiging op grond van een zo uitgebreid mogelijk kiesrecht”.

Lees meer »

2. De student

Na het Staatsexamen Gymnasium volgt Moises vanaf 1925 de studie Rechtswetenschappen aan de R.K. Universiteit van Nijmegen. Hij legt in 1926 binnen één jaar het kandidaatsexamen af. Ook tijdens zijn studie steekt hij zijn mening niet onder stoelen of banken en dat leidt geregeld tot confrontaties met medestudenten en professoren. In het Nijmegen van de dertiger jaren gebruiken studenten en volwassenen met toenemende regelmaat de term ‘zwarte piet’ tegen Moises, Rolando en andere Antilliaanse studenten. De economische crisis versterkt het zoeken naar zondebokken en het discrimineren van vreemdelingen. Voor Moises is dit geen reden om het debat op de universiteit uit de weg te gaan. In een briefwisseling beklaagt oudere broer Rolando zich bij zijn ouders dat Moises zich door zijn houding onnodig problemen op de hals haalt en het hele Antilliaanse studentencorps in Nijmegen in verlegenheid brengt. Hij vraagt zijn vader om ‘Cheche’ te vragen zich normaal te gedragen, maar dit verzoek heeft weinig invloed op Moises. De debatconfrontaties blijven voorkomen, ook later in Amsterdam.

Lees meer »

1. Het kind en de puber

Op 27 oktober 1907 wordt Moises Frumencio da Costa Gomez geboren in Otrobanda op Curaçao. Moises is de derde zoon van Pedro da Costa Gomez en Braulia Bikker. Na Moises worden nog vijf dochters en een zoon geboren, waardoor Moises opgroeit in een gezin van negen kinderen. Zij wonen in de Havenstraat op de Ser’i Klip, vlak bij de plek waar havenarbeiders schepen laden en lossen. Later verhuist het gezin nog naar de Schrijnwerkerstraat, de Breedestraat en de Penstraat. Moises verhuist niet mee naar de Penstraat, omdat hij dan al in Nederland studeert. Zijn vader is zakenman en later administrateur van het sinds 1908 verschijnende dagblad Boletin Comercial. Ze hebben het niet breed, maar lijden ook geen gebrek. Zijn eerste schooljaren brengt Moises door op de St. Vincentiusschool in de wijk Colon. In die tijd is dat de populairste volksschool op het eiland. Later wordt hij, vanwege zijn hoge intelligentie, overgeplaatst naar het St. Thomas College. In de 9e klas rondt hij zijn schooljaren op Curaçao af bij frater Canutus.

Lees meer »

3. De kiesrechthervormer

Stil zitten is Dòktor vreemd en al drie weken na zijn aankomst op Curaçao, op 23 januari 1936, is hij medeoprichter van de Curaçaose Roomsch Katholieke Partij (of kortweg Katholieke Partij genoemd). Da Costa Gomez neemt zitting in het partijbestuur. Één van de punten in het actieprogramma van de Katholieke Partij is: “streven naar een volksvertegenwoordiging op grond van een zo uitgebreid mogelijk kiesrecht”.

Lees meer »

2. De student

Na het Staatsexamen Gymnasium volgt Moises vanaf 1925 de studie Rechtswetenschappen aan de R.K. Universiteit van Nijmegen. Hij legt in 1926 binnen één jaar het kandidaatsexamen af. Ook tijdens zijn studie steekt hij zijn mening niet onder stoelen of banken en dat leidt geregeld tot confrontaties met medestudenten en professoren. In het Nijmegen van de dertiger jaren gebruiken studenten en volwassenen met toenemende regelmaat de term ‘zwarte piet’ tegen Moises, Rolando en andere Antilliaanse studenten. De economische crisis versterkt het zoeken naar zondebokken en het discrimineren van vreemdelingen. Voor Moises is dit geen reden om het debat op de universiteit uit de weg te gaan. In een briefwisseling beklaagt oudere broer Rolando zich bij zijn ouders dat Moises zich door zijn houding onnodig problemen op de hals haalt en het hele Antilliaanse studentencorps in Nijmegen in verlegenheid brengt. Hij vraagt zijn vader om ‘Cheche’ te vragen zich normaal te gedragen, maar dit verzoek heeft weinig invloed op Moises. De debatconfrontaties blijven voorkomen, ook later in Amsterdam.

Lees meer »

1. Het kind en de puber

Op 27 oktober 1907 wordt Moises Frumencio da Costa Gomez geboren in Otrobanda op Curaçao. Moises is de derde zoon van Pedro da Costa Gomez en Braulia Bikker. Na Moises worden nog vijf dochters en een zoon geboren, waardoor Moises opgroeit in een gezin van negen kinderen. Zij wonen in de Havenstraat op de Ser’i Klip, vlak bij de plek waar havenarbeiders schepen laden en lossen. Later verhuist het gezin nog naar de Schrijnwerkerstraat, de Breedestraat en de Penstraat. Moises verhuist niet mee naar de Penstraat, omdat hij dan al in Nederland studeert. Zijn vader is zakenman en later administrateur van het sinds 1908 verschijnende dagblad Boletin Comercial. Ze hebben het niet breed, maar lijden ook geen gebrek. Zijn eerste schooljaren brengt Moises door op de St. Vincentiusschool in de wijk Colon. In die tijd is dat de populairste volksschool op het eiland. Later wordt hij, vanwege zijn hoge intelligentie, overgeplaatst naar het St. Thomas College. In de 9e klas rondt hij zijn schooljaren op Curaçao af bij frater Canutus.

Lees meer »

3. De kiesrechthervormer

Stil zitten is Dòktor vreemd en al drie weken na zijn aankomst op Curaçao, op 23 januari 1936, is hij medeoprichter van de Curaçaose Roomsch Katholieke Partij (of kortweg Katholieke Partij genoemd). Da Costa Gomez neemt zitting in het partijbestuur. Één van de punten in het actieprogramma van de Katholieke Partij is: “streven naar een volksvertegenwoordiging op grond van een zo uitgebreid mogelijk kiesrecht”.

Lees meer »

2. De student

Na het Staatsexamen Gymnasium volgt Moises vanaf 1925 de studie Rechtswetenschappen aan de R.K. Universiteit van Nijmegen. Hij legt in 1926 binnen één jaar het kandidaatsexamen af. Ook tijdens zijn studie steekt hij zijn mening niet onder stoelen of banken en dat leidt geregeld tot confrontaties met medestudenten en professoren. In het Nijmegen van de dertiger jaren gebruiken studenten en volwassenen met toenemende regelmaat de term ‘zwarte piet’ tegen Moises, Rolando en andere Antilliaanse studenten. De economische crisis versterkt het zoeken naar zondebokken en het discrimineren van vreemdelingen. Voor Moises is dit geen reden om het debat op de universiteit uit de weg te gaan. In een briefwisseling beklaagt oudere broer Rolando zich bij zijn ouders dat Moises zich door zijn houding onnodig problemen op de hals haalt en het hele Antilliaanse studentencorps in Nijmegen in verlegenheid brengt. Hij vraagt zijn vader om ‘Cheche’ te vragen zich normaal te gedragen, maar dit verzoek heeft weinig invloed op Moises. De debatconfrontaties blijven voorkomen, ook later in Amsterdam.

Lees meer »

1. Het kind en de puber

Op 27 oktober 1907 wordt Moises Frumencio da Costa Gomez geboren in Otrobanda op Curaçao. Moises is de derde zoon van Pedro da Costa Gomez en Braulia Bikker. Na Moises worden nog vijf dochters en een zoon geboren, waardoor Moises opgroeit in een gezin van negen kinderen. Zij wonen in de Havenstraat op de Ser’i Klip, vlak bij de plek waar havenarbeiders schepen laden en lossen. Later verhuist het gezin nog naar de Schrijnwerkerstraat, de Breedestraat en de Penstraat. Moises verhuist niet mee naar de Penstraat, omdat hij dan al in Nederland studeert. Zijn vader is zakenman en later administrateur van het sinds 1908 verschijnende dagblad Boletin Comercial. Ze hebben het niet breed, maar lijden ook geen gebrek. Zijn eerste schooljaren brengt Moises door op de St. Vincentiusschool in de wijk Colon. In die tijd is dat de populairste volksschool op het eiland. Later wordt hij, vanwege zijn hoge intelligentie, overgeplaatst naar het St. Thomas College. In de 9e klas rondt hij zijn schooljaren op Curaçao af bij frater Canutus.

Lees meer »

Doktor: een biografische schets en een bibliografie

Op 22 november 2021, de 55e sterfdag van Mr. Dr. Moises Frumencio Da Costa Gomez, publiceert eChuchubi Uitgeverij opnieuw de biografische schets en een bibliografie over Dòktor Da Costa Gomez. Het betreft een werk van Eugène Boeldak en Marion Keizer,

Lees meer »