De Nanzi verhalen zijn generaties lang doorverteld. Ze vinden hun oorsprong in de volksfabels over de spin Anansi van de Ashanti uit Ghana. Anansi reist vanaf 1526, het jaar waarin de Portugezen de eerste trans-Atlantische oversteek maken met tot slaafgemaakten naar het Caribisch gebied, Zuid-Amerika en het zuiden van de verenigde Staten. Ook op Aruba, Bonaire en Curaçao kennen we de verhalen over de sluwe spin.

De verhalen veranderden door de jaren heen, werden aangepast aan het tijdsbeeld en de leefomstandigheden van de vertellers en hun publiek. Pas veel later werden de verhalen verzameld, gebundeld en verteld, zoals door Nilda Jesurun Pinto in Cuenta di Nanzi in 1951.

 

ABC Online Media besteedt in maart in 3 delen aandacht aan de Nanzi vertellingen als Antilliaans erfgoed. In deel 1 gaat Aart G. Broek in op het onderwerp “Vermaak in tijden van slavernij”. Na de Tweede Wereldoorlog nam het onderzoek naar de eeuwen van slavernij sterk toe. En daarmee het verlangen om te weten hoe tot slaafgemaakten uit Afrika, of geboren in de Cariben emotioneel overleefden in barre omstandigheden. Onderzocht wordt of de geregistreerde Nanzi verhalen bij dit onderzoek kunnen helpen. In deel 2 bespreekt Broek de aanpassingen aan Nanzi. Deel 2 vind je hier: https://curacao.nu/antilliaans-erfgoed 

 

De oude Nanzi verhalen vormen ook nu nog steeds een inpsiratiebron en leiden tot nieuwe verhalen. Want wat zou Nanzi doen in de tijd waarin we nu leven? Dit inspireerde bijvoorbeeld Joan Leslie  tot het  schrijven van Compa Nanzi's Capriolen (2011). En in 2020 vroeg Eugène Boeldak zich af hoe Nanzi gereageerd zou hebben tijdens een pandemie. Dit leidde tot het tweetalige boek Nanzi i/en Koma Corona, waarin Nanzi zich voor morele keuzes gesteld ziet als de COVID-19-pandemie zich ontvouwt. Wil je kennis maken met zo’n nieuw Nanzi-verhaal? Dat kan nu tegen een verlaagde prijs: www.boekenbestellen.nl/boek/nanzi-i-koma-corona

3. De kiesrechthervormer

Stil zitten is Dòktor vreemd en al drie weken na zijn aankomst op Curaçao, op 23 januari 1936, is hij medeoprichter van de Curaçaose Roomsch Katholieke Partij (of kortweg Katholieke Partij genoemd). Da Costa Gomez neemt zitting in het partijbestuur. Één van de punten in het actieprogramma van de Katholieke Partij is: “streven naar een volksvertegenwoordiging op grond van een zo uitgebreid mogelijk kiesrecht”.

Lees meer »

2. De student

Na het Staatsexamen Gymnasium volgt Moises vanaf 1925 de studie Rechtswetenschappen aan de R.K. Universiteit van Nijmegen. Hij legt in 1926 binnen één jaar het kandidaatsexamen af. Ook tijdens zijn studie steekt hij zijn mening niet onder stoelen of banken en dat leidt geregeld tot confrontaties met medestudenten en professoren. In het Nijmegen van de dertiger jaren gebruiken studenten en volwassenen met toenemende regelmaat de term ‘zwarte piet’ tegen Moises, Rolando en andere Antilliaanse studenten. De economische crisis versterkt het zoeken naar zondebokken en het discrimineren van vreemdelingen. Voor Moises is dit geen reden om het debat op de universiteit uit de weg te gaan. In een briefwisseling beklaagt oudere broer Rolando zich bij zijn ouders dat Moises zich door zijn houding onnodig problemen op de hals haalt en het hele Antilliaanse studentencorps in Nijmegen in verlegenheid brengt. Hij vraagt zijn vader om ‘Cheche’ te vragen zich normaal te gedragen, maar dit verzoek heeft weinig invloed op Moises. De debatconfrontaties blijven voorkomen, ook later in Amsterdam.

Lees meer »

1. Het kind en de puber

Op 27 oktober 1907 wordt Moises Frumencio da Costa Gomez geboren in Otrobanda op Curaçao. Moises is de derde zoon van Pedro da Costa Gomez en Braulia Bikker. Na Moises worden nog vijf dochters en een zoon geboren, waardoor Moises opgroeit in een gezin van negen kinderen. Zij wonen in de Havenstraat op de Ser’i Klip, vlak bij de plek waar havenarbeiders schepen laden en lossen. Later verhuist het gezin nog naar de Schrijnwerkerstraat, de Breedestraat en de Penstraat. Moises verhuist niet mee naar de Penstraat, omdat hij dan al in Nederland studeert. Zijn vader is zakenman en later administrateur van het sinds 1908 verschijnende dagblad Boletin Comercial. Ze hebben het niet breed, maar lijden ook geen gebrek. Zijn eerste schooljaren brengt Moises door op de St. Vincentiusschool in de wijk Colon. In die tijd is dat de populairste volksschool op het eiland. Later wordt hij, vanwege zijn hoge intelligentie, overgeplaatst naar het St. Thomas College. In de 9e klas rondt hij zijn schooljaren op Curaçao af bij frater Canutus.

Lees meer »

Hoe begin ik aan mijn stamboom?

Komt de vraag af en toe bij je op wie je voorouders waren? Hoe ze heetten en wat voor werk zij deden. Waar ze woonden?  Ik doe vanaf 1999 onderzoek naar de geschiedenis van de familienaam Bodak uit Curaçao. Dit onderzoek bracht mij bij diverse schrijfwijzen van deze familienaam, zoals Bodok, Boeldak en Bodaar. Allemaal familieleden waarvan de naam verkeerd geschreven of wel verkeerd overgeschreven is. Ik ontdek nog steeds nieuwe informatie over deze familienamen en dat geeft me vaak voldoening, maar ook veel om over na te denken . Wil je ook achterhalen wie je familie is en mogelijk zelfs hun geschiedenis opschrijven?

Lees meer »